Gemiddelde leestijd: 10 minuten

Hoe mag ik je aanspreken? Als Wendy of als Iris? ‘Kies maar,’ antwoordt ze. Als we na het interview afscheid nemen, heb ik het gevoel dat ik vooral met Iris Vandenkerckhove heb gepraat. Een eerder verlegen, intelligente, innemende vrouw die pas laat het evenwicht in haar leven heeft gevonden. De stoeipoes van weleer, haar alter ego Wendy Van Wanten, heeft ze thuis gelaten.

De verhouding tussen Iris en Wendy zorgt soms voor kritische opmerkingen. ‘Over Wendy mogen we alles weten, over Iris Vandenkerckhove niets.’ Of nog: ‘Iris Vandenkerckhove is een zakenvrouw. Wendy Van Wanten is het merk dat ze verkoopt.’ “Zelf zie ik Wendy als een zusje van Iris,” zegt ze. “Een acteerprestatie.” Acteren is wat ze wel vaker heeft gedaan, destijds in veel tv-programma’s, de jongste jaren vooral in musicals. Ook als zangeres blijft de honger en de ambitie groot. “Het is mijn droom om ooit met André Rieu op een podium te staan. Dan zou ik mij een echte diva en operazangeres voelen. Mijn leven is één lang buffet. Ik heb de kans gehad om van al die hapjes te mogen proeven. De rode draad in mijn leven is muziek, maar ook wel acteren. Wendy Van Wanten is een humoristisch typetje dat dubbelzinnigheden bracht, ook op het podium. En dat is nog altijd zo. Mensen verwachten dat ik een beetje teasing ben. Maar ondertussen breng ik wel serieuze liedjes.”

Je hebt ooit in het voorprogramma gestaan van Gilbert Bécaud.
Wendy Van Wanten:
“Inderdaad. Ik was toen 28 jaar. Onder de naam ‘Iris’ zong ik Franstalige liedjes. Ik kwam terecht bij de grote platenfirma BMG/Ariola die me de kans gaf om een plaat uit te brengen. Daar moest toen ook promotie voor gemaakt worden. En omdat Bécaud in het casino van Oostende optrad, kwam de suggestie om in zijn voorprogramma op te treden. Dat was sterven. Nu zou ik daar van genieten. Ik heb hem wat beter leren kennen tijdens de repetitie. Hij kwam me ook een roos overhandigen tijdens ‘L’important, c’est la rose’. Een waw-moment om dat met zo’n grote persoonlijkheid mee te maken. Ik zag wel dat hij heel veel rookte en dronk. Hij was ook heel perfectionistisch. Dat is goed, maar je mag daar niet aan kapot gaan. Er zijn veel grote vedetten die het door de roem niet allemaal meer zo goed kunnen met een regelmaat. Die verleidingen zijn groot. Amy Winehouse: hoe jammer is dat? Of Whitney Houston… Zulke prachtige stemmen. Nu, Gilbert Bécaud is tamelijk oud geworden. Maar toch zag ik dat het niet gezond was om whisky mee te sleuren en na elk liedje een slok te nemen. In die wereld moet je al die verleidingen kunnen weerstaan. In de wereld van de fotomodellen zeggen ze dat ook: het gaat gepaard met drugs of met een losbandig leven. Maar dat beslis je toch allemaal voor jezelf? Ook in de opvoeding van je kinderen moet je ze er toch op wijzen daar er gevaren loeren. Ook ik heb goed geleefd en wel eens een glas gedronken. Maar ik had altijd zoiets in mijn achterhoofd van ‘Opletten, je moet nog naar huis rijden.’ Je moet altijd doseren. Nu, ik kan die vlucht begrijpen. Ik heb die roem op heel kleine schaal ook meegemaakt. Er zijn jaren geweest dat de markten moesten afgeschermd worden toen ik kwam als Wendy Van Wanten. Destijds was het niet overbodig om bodyguards te hebben. Ik heb me heel veel jaren verstopt, omdat ik er angsten door kreeg.”

Verstopt?
Van Wanten:
“Ja, tijdens de periode rond mijn 40ste. Wendy Van Wanten zijn heeft een aantal jaren iets met mij gedaan. Als ik niet in mijn privé naar buiten moest, sloot ik me op. Elk excuus was goed. Op het podium of als Wendy: geen probleem. Maar als Iris durfde ik niet naar de winkel gaan of in een kleinere ruimte staan. Misschien kwam dat ook wel omdat mijn toenmalige manager Danny me te veel afschermde. Nu, het droeg bij aan de magie en het mysterie rond de diva Wendy Van Wanten. Ik ben er op een goeie manier uit gekomen. Ik heb toen boeken gelezen van onder andere de dalai lama. Eigenlijk maakte ik de balans op van mijn leven. Sedert ik Frans ken, ben ik wat dat betreft volledig open gebloeid. Maar een tijdlang was ik slachtoffer van mijn bekendheid. Een periode waar ik nu spijt van heb dat ik niet losser was.” 

Omdat je jezelf niet meer kon zijn?
Van Wanten:
“Ja. Ik heb mezelf weer moeten ontdekken. Het heeft ook te maken met mijn preutsheid en verlegenheid als Iris. ‘Wat gaan de mensen van mij denken?’ ‘Wie denkt ze wel dat ze is?’ De periode dat Clément jong was, heb ik gemist. Maar ja, ik was er nog niet rijp voor om dat als Iris te trotseren. Ik wilde niet opvallen en had schrik om te tonen wie ik ben. Terwijl ik die periode nu met onze dochter Estelle wel heb.”


LAURENT EN CLEMENT

Als het over jouw leven en carrière gaat, wil ik het toch ook even over prins Laurent hebben en over wie de vader is van jouw zoon Clément. Waarom scherm je die onderwerpen altijd af?
Van Wanten:
“Als het over mijn zoon gaat, geef ik nooit een weerwoord. Je doet dat niet als moeder. Dat is not done, vind ik. Het blijven je kinderen. Het is niet aan mij om daar op te antwoorden of daar uitleg over te geven. En dat blijft mijn gulden regel. Nu, als ze meerderjarig zijn, kan je natuurlijk zeggen ‘je mag dit of dat niet doen’. Dat is zijn keuze. En als het over Laurent gaat… Het is me al heel vaak overkomen dat ze over dit thema schrijven en vragen stellen. Van bij het begin heb ik verteld dat ik daar niets over te zeggen heb. Ik denk dat iedereen weet dat ik die man ontmoet heb in Parijs tijdens een modeshow. Daar waren beelden van. Dus ik kan niet ontkennen dat ik hem tegengekomen ben en ken. Maar ik ken zoveel mensen die ik tegengekomen ben. Ik ken Eddy Merckx ook bijvoorbeeld.”

Weet Clément wie zijn vader is?
Van Wanten:
“Ja. Maar nogmaals, mijn rol als moeder is dat ik niet praat over mijn kinderen. Ik kan ze wel meenemen naar pretparken of premières. Maar ik hoef geen uitleg te geven over hoe de verhouding is tussen mij en mijn kinderen.”

Ik kan me voorstellen dat Clément wel eens de vraag krijgt wie zijn vader is en dat dit dan vervelend is voor hem.
Van Wanten:
“Maak je geen zorgen. Dat is allemaal in orde. (lacht) Hij wordt daar niet mee geconfronteerd. Clément weet genoeg. Er is niets aan de hand. Het enige dat wel vervelend was, en dat ik ook niet in de hand heb, is dat er keer op keer over geschreven werd. Dat heb ik niet gevraagd, en Clément al zeker niet.”

Misschien net daarom. Als je dit wil doen stoppen, waarom dan niet opener zijn?
Van Wanten:
“Maar daar is uitvoerig over gepraat met hem. Daar ben ik de moeder voor, natuurlijk. We zijn ook ten strijde getrokken. (Van Wanten en haar manager eisten excuses van VRT voor een passage in de fictiereeks ‘Albert II’) Maar dat is een moeilijk gegeven. Je moet je kinderen beschermen. Dat lukt gelukkig. We gaan hout vasthouden dat het zo blijft.”

PRIMUS IRIS

Vooral in het lager maar ook in het middelbaar onderwijs was jij de primus in de klas.
Van Wanten:
“Ah, jij weet dat? (lacht) Ik heb een zus die twaalf jaar ouder is. En zij was altijd de eerste van de klas. Ik moest haar voetsporen volgen. Het kwam er op neer dat ik twee mama’s had die mij controleerden. Vooral mijn zus was heel streng. Zij verlangde ook dat ik altijd de eerste van de klas was. Door mijn best te doen, dacht ik, zal ik graag gezien worden. Dus ik deed ook altijd ontzettend mijn best om de eerste te zijn. Ik vond daar niets verkeerd aan en was er fier op. Die rapporten met de 10 op 10’en heb ik nog allemaal. Ik heb dat al vaak aan mijn kinderen getoond. Punten zijn niet alles, besef ik nu. Maar het heeft mij wel gevormd. In die zin dat ik heel veel zelfdiscipline opleg om te scoren en in alles wat ik doe zoveel mogelijk punten te halen.”

Kwam het evenveel uit jezelf als dat het opgelegd was door jouw twee mama’s, zoals je ze zelf omschrijft?
Van Wanten:
“Wel, ik ben welwillend en was een gemakkelijk meisje. ‘Jij bent groot zonder dat ik het weet,’ zei mijn mama altijd. Ze was al 43 toen ze mij kreeg. Dat was in die tijd niet zo evident. Als ik mezelf ontleed na al die jaren, herken ik die welwillendheid. Ik moet mezelf telkens afremmen om niet tè goed mijn best te doen. Want dat kan niet altijd in het leven. Streven naar perfectie is mooi. In het acteren, in het zingen, in het mama zijn, in de liefde. Maar ik heb moeten leren om niet ongelukkig te worden als dit niet lukt.”
“Ik heb erg afgezien toen mijn mama is gestorven. Ik was toen 19 jaar. ‘Wat heb ik verkeerd gedaan?’, dacht ik toen. Als er iets gebeurt, neem ik dat altijd heel hard op mij. Maar ja, je kan geen herexamen doen, hè? Dus mocht ik niet denken dat het mijn schuld was. Plots stond ik op mezelf en moest ik knokken om overeind te blijven. Nu nog heb ik de behoefte om met haar te praten, mijn vreugde en verdriet te delen. Voor mij is dat een litteken dat nooit meer zal dichten. Vandaar dat mijn kinderen opvoeden tegenwoordig het hoofddoel in mijn leven is. Terwijl ik nog leef, probeer ik die rol zo goed mogelijk in te vullen. Omdat ik vroeg mijn moeder verloren heb, wil ik scoren om een zeer goeie moeder te zijn.”

In de voetsporen van je zus studeerde je medisch secretariaat.
Van Wanten:
“Ja, want dat werd van mij verwacht. Maar ik wilde dit eigenlijk niet studeren. En dat heeft mijn papa, die zelf erg muzikaal was, wel ingezien. Ik was altijd aan het zingen en was ook verbonden aan een koor. Ik heb als sopraan aan wedstrijden meegedaan. Door dat koor zag ik op jonge leeftijd al een stuk van de wereld: ik ben bijvoorbeeld naar Parijs geweest en naar de kibboets in Israël, waar we de bommen hoorden. Thuis op mijn zolderkamertje was ik altijd bezig met muziek. We kregen een stereo-installatie en ik kon me uitleven voor de spiegel. Ik danste en zong. In mijn slaapkleedje waande ik mij Barbra Streisand en Fred Astaire. Daardoor zocht ik mijn sprookjeswereld op in de muziek. Als vierjarig meisje zong ik op mijn schommel Non ho l’eta. Dat nummer is ook de opening van mijn show ‘Wendy Intiem’. Ik zing het liedje terwijl achter mij een foto geprojecteerd wordt van mij als vierjarige op een schommel. Toen mijn mama stierf, waren mijn houvast de teksten van Barbra Streisand. Dat was een therapie om overeind te blijven. Ik was toen zeer zelfstandig, zelfstandiger dan nu. Het was ofwel opgaan in verdriet, ofwel moest ik er iets van maken.”

Je hogere studies heb je snel onderbroken.
Van Wanten:
“Klopt. Ik was groot en had een model. Alles was goed in proportie. (glimlacht) Mijn papa is toen met mij naar het modellenbureau ‘Models Office’ getrokken. Ik mocht er meteen beginnen als fotomodel. Al snel werd ik overal geboekt, kreeg ik een grote gage, mocht ik naar het buitenland. Het was voor de hand liggend dat ik hier in verder zou gaan. Kort daarop is mijn mama gestorven. Ze heeft nog een modeshow meegemaakt. Het laatste wat ze van mij gezien heeft, was de cover van de Libelle waar ik op stond. Ik ben ’s nachts opgebeld met de melding dat ze gestorven was. Toen ik wegging, had ze een Libelle in haar hand. Het vervolg heeft ze allemaal niet gekend. In die modewereld ben ik gevlucht. Na de modeshows begon ik af en toe ’s avonds te zingen. Ik zong alle liedjes van Barbra Streisand a cappella voor mijn collega’s. In die periode heb ik ook gitarist Roland leren kennen. Met hem heb ik eigen liedjes gemaakt. Daarna won ik de Baccara beker. En zo ben ik onder de naam Iris begonnen. Vermits ik nogal rondborstig was, kreeg ik op een dag – ik was toen 28 – de vraag van producer Jef Rademakers om mee te doen in het Nederlandse programma ‘PinUp Club’. Maar gecast worden, zoals andere meisjes, om naakt in een zwembad te springen, wilde ik niet. Ik had mijn fotoboek bij, met mijn bijna tien jaar ervaring als fotomodel. ‘Iets presenteren zie ik wel zitten,’ liet ik Jef weten. Ik ben toen weg gestapt. Anderhalf jaar later belde hij mij terug. ‘Je bent blijven hangen bij mij. Wil je iets presenteren?’ Toen kwam het idee van die brievenrubriek. En dat zag ik wel zitten. ‘Het is een erotisch programma. Je begrijpt dat je iets of wat moet laten zien,’ zei Jef. ‘OK,’ antwoordde ik. ‘Als model ben ik corsetterie gewoon. Dan doen we het zo.’ Met de erotisch getinte antwoorden erbij. Nu zie en hoor je die wel vaker op tv. Maar toen waren zulke dubbelzinnigheden nieuw. Misschien ben ik er wel de uitvinder van, de oermoeder. (lacht) In die tijd is ook de naam Wendy Van Wanten ontstaan. Iris bekte niet genoeg. ‘Jij bent iemand die weet wat ze wil. Jij weet van wanten,’ zei Jef. En omdat Iris Van Wanten niet klonk, stelde Koos Postema Wendy Van Wanten voor.”

Tot dan zong je als Iris. Sindsdien is het definitief Wendy geworden.
Van Wanten:
“Ja, het was niet makkelijk als Iris een platform te vinden. Ik had dan wel de Baccara beker gewonnen, maar een programma als Tien om te Zien bestond nog niet. Ik ben eerst in het Frans beginnen zingen. Ooit ben ik zelfs bij de Franse tv-zender TF1 beland voor een optreden. Als kind al was ik bezeten van Franse chansons. Die stonden zondagnamiddag bij ons altijd op.”


THERAPIE

“Ik heb gewoon van Wendy gebruik gemaakt. Want Wendy kreeg opeens heel veel aandacht door het programma ‘PinUp Club’. Marc Dex was de eerste die me aansprak om een single op te nemen als Wendy: ‘Bij jou zijn’. Hij geloofde in mij. We hebben direct een album opgenomen. De ene producer na de andere, onder ander Jack Rivers, benaderde mij. En toen was de trein vertrokken. Ik kon niet meer terug. Maar ik vond het niet erg. Want het ging niet gepaard met het sekssymbool dat van mij gemaakt werd. Als persoon wilde ik daar niet echt mee vereenzelvigd worden. Zoals ik al zei: het was een acteerprestatie. Urbanus is thuis ook niet altijd de grappigste, zoals hij op het podium is. Als Iris kon ik de teugels in handen houden. Het was goed dat die naam bewaard werd. Niettegenstaande ik vergroeid ben met Wendy en ik zelf als Iris heel veel te danken heb aan Wendy, door positief te zijn en het luchtig aan te pakken. Wendy is voor mij ook al dertig jaar een therapie.”

Een therapie?
Van Wanten:
“Ja. Een vlucht. Als het eens wat minder gaat, helpt mijn zusje Wendy mij altijd er doorheen. Ik moet voort werken, bezig blijven, nieuwe dingen uitvinden.”

Als Iris zich wat minder voelt, haal je Wendy boven?
Van Wanten:
“Ja, ik moet wel. In 2006 ben ik geconfronteerd met de dood van mijn manager Danny De Waele. Ik heb daar uiteraard enorm veel verdriet van gehad. Hij is zeventien jaar met mij meegegaan. Maar de week na zijn overlijden stond ik opnieuw als Wendy geboekt. Ik moest haar dus weer laten voortleven. Dan moet je verder. Je kan niet blijven treuren. Hij had op zijn ziekbed ook het programma ‘Wie wordt de man van Wendy?’ klaargemaakt. En Iris zei: ‘Doen.’”

Is dat niet wat de schone schijn ophouden?
Van Wanten:
“Iedereen heeft wel iets nodig. De één gaat schrijven, de ander gaat mediteren. Ik heb altijd gevoeld dat mijn vlucht de muziek en de showwereld is om die harde werkelijkheid te trotseren. Maar goed, beter dat dan naar medicijnen grijpen of jezelf laten wegkwijnen. In creativiteit heeft Wendy mij zeker geholpen. Ze blijft gevraagd. Door die aandacht voor Wendy kan ik er van leven en mij ook uitleven. Die grote nummer 1 hit heb ik misschien niet gehad, maar Wendy is mijn nummer 1 hit.”

Is er nooit een moment geweest waar je wat meer de kaart van Iris wou trekken?
Van Wanten:
“Er waren zeker momenten waarin ik met veel vooroordelen kampte. Door die brievenrubriek bestempelde de pers me soms enkel als sekssymbool. ‘Ze denkt dat ze kan zingen.’ Maar dat schrikt mij niet af. Ik weet wat ik in mij heb als zangeres, als soprano, als winnares van de Baccara beker.”

Wendy was er nog niet wanneer jouw mama stierf. Toen nam je jouw toevlucht in de muziek. Hoe heb je het aangepakt als Danny overleden is?
Van Wanten:
“Ja… (kijkt opzij waar haar man en manager Frans Vancoppernolle zit). Door ‘Wie wordt de man van Wendy?’ Wonder boven wonder is dat dan nog gelukt ook. Niet te geloven. Ik ben niet iemand die graag alleen is. Dan word ik verdrietig. Frans en ik hebben ook een dochter samen. Op mijn 48ste heb ik dat nog mogen meemaken…”

Wat mogen we op jouw grafzerk schrijven?
Van Wanten:
“’Ik heb mijn best gedaan.’”

Foto’s door Kristof Claeys.

Pin It on Pinterest