Tom Van Dyck: “Ik een carnavalist? Met mij verkleden en iemand anders spelen, verdien ik al mijn kost.”

feb 9, 2016 | Actua | 1 reactie

‘Den Elfde van den Elfde’ zit er bijna op. We spraken met Intervista-geïnterviewde Tom Van Dyck over de reeks.

Ben je tevreden over de respons op ‘Den Elfde van den Elfde’?
Tom Van Dyck: “Jawel, zeer tevreden! Nochtans is het geen evidente reeks, geen hapklare brok, zeker niet op zondagavond. Er wordt bijvoorbeeld plots gezongen. Voor velen toch geen evidentie. Het is ook een echte dramareeks en misschien hadden heel wat kijkers gedacht dat het komischer zou zijn.”

Omdat ze jou associëren met grappige rollen en komische reeksen?
Van Dyck: “Wellicht wel. Dat grappige is iets wat aan mijn gat blijft hangen. Maar ik wil daar niet altijd op terugvallen. Verre van zelfs.”

Heb je een idee van de kijkcijfers?
Van Dyck: “Die zagen er steeds bijzonder goed uit. De eerste aflevering haalden we 1.180.000 kijkers. Daar zijn de uitgestelde kijkers nog niet bijgerekend. Iedere week blijven we met behoorlijk wat kijkers zitten. De mensen die beginnen te kijken naar een aflevering, gaan niet lopen.”

elfde

De reeks is naast de financiële inbreng van de VRT en van het Mediafonds mede tot stand gekomen door het systeem van de tax shelter.
Van Dyck:
“Klopt. Bedrijven die een deel van hun winst investeren in audiovisuele producties, kunnen daar een enorm belastingvoordeel op genieten. Een win-win. Want wij krijgen extra budget om te investeren in ons project. We hebben bijvoorbeeld 12 draaidagen per aflevering bekomen. En de bedrijven hebben een extra-fiscaal voordeel. Toerisme Waasland en de provincie Oost-Vlaanderen hebben ook mee gefinancieerd.”

Onder meer Wouter Torfs van Schoenen Torfs en Geert Noels van Econopolis en Econoshock hebben jullie gesteund via de tax shelter. Ze deden dit niet ten persoonlijke titel, maar ze hebben samen met de familie en vrienden geïnvesteerd.
Van Dyck:
“Samen met onder meer Duvel Moortgat staan ze inderdaad mee op de eindgeneriek. Alice (Reys, zijn vrouw, red.) en ik hebben van in het begin de kaart getrokken van de familiebedrijven. Wij zijn dat zelf namelijk ook: een klein familiebedrijfje. Het ene familiebedrijf helpt het andere. We vonden dat een fijn idee. Investeerders krijgen er ook rendement op. Het is geen mecenaat.”

Zonder in detail te treden, maar om een idee te krijgen van de orde van grootte: hoeveel bedroegen de investeringen van die bedrijven?
Van Dyck:
“Een bedrijf mag wettelijk maximaal 500.000 euro van zijn belastbare winst investeren in een audiovisueel project. Meer details mag ik niet geven.”

De arena waarin jullie verhaal zich dit keer afspeelde, is carnaval. Heb jij zelf iets met carnaval?
Van Dyck:
“Eigenlijk niet veel. Het verkleden doe ik al beroepshalve. En met iemand anders te spelen, verdien ik ook al mijn kost. Nee, ik ben niet echt een carnavalist. Ik heb wel de Prins Carnaval van Aalst mogen ontmoeten. Dat was in de studio van de regionale zenders TV Limburg en TV Oost. Een zeer gemoedelijke ontmoeting. Dat hij Prins Carnaval is, is een heel belangrijke titel voor hem. Hij krijgt plots status. ‘Vanaf nu tot in lengte van dagen zal iedereen in Aalst mij kennen’, zegt hij. Voor een buitenstaander is dat vaak onbegrijpelijk. Maar er gaat niet alleen veel werk mee gepaard, ook veel geld. Die prinsenstrijd is voor sommige mensen op leven en dood. Kijk naar de strijd in Aalst, met de puntentelling. De ene kandidaat die met 1 punt verschil verliest van de uiteindelijke winnaar, maar de puntenverdeling heeft aangevochten.”


 

Schermafbeelding 2016-02-09 om 13.33.09

Lees het volledige portretinterview met Tom Van Dyck op Intervista:
‘In mijn werk is het gepermitteerd om met een korte broek rond te lopen’

 

Pin It on Pinterest

Shares